26 februari 2007 | Wat nu tien megapixel? Met zes kom je vaak ver genoeg, bewijst de Pentax K100D. Vanaf december bracht de fabrikant de 10-megapixel K10D in de winkels, maar druk je nooit groter af dan 40 bij 60 centimeter, dan heb je die niet nodig en bespaar je geld door te kiezen voor de K100D.
Toegegeven, zoom je 200 procent in op een 10-megapixelfoto en op een 6-megapixelfoto dan vertoont de eerste uiteraard meer details per pixels. Die beeldpunten zijn echter niet zaligmakend. Zo laat de Pentax K100D opvallend minder kleur- en contrastruis zien in vergelijkbare situaties dan bijvoorbeeld de 10-megapixel-Olympus E-400.
De K100D ligt sinds afgelopen zomer in de winkel en richt zich op de (semi)professional. Het toestel wordt parallel verkocht naast de gelijktijdig geEtroduceerde K110D. De K110D wordt door Pentax het instapmodel genoemd. Het belangrijkste verschil? De K100D heeft een (goed werkende) beeldstabilisator. Bij veel andere merken moet je daarvoor speciale, duurdere objectieven kopen. De overige specificaties tussen de K100D en K110D zijn gelijk, met als prijsverschil bij de meeste aanbieders zo’n veertig tot vijftig euro meer voor de K100D.
Nadeel
De K100D en K110D hebben een belangrijk nadeel: je kunt niet tegelijkertijd raw- en jpeg-foto’s maken. Dat is een feature die veel fotografen erg waarderen. Het gelijktijdig opslaan van een foto in twee formaten kost weliswaar meer tijd en megabytes, maar heeft als belangrijkste voordeel dat je foto’s eenmaal overgeschreven naar je pc direct als jpeg kunt bekijken of naar een opdrachtgever kunt sturen. De raw-beelden (de ‘digitale negatieven’) moeten eerst worden ontwikkeld voor ze bruikbaar zijn, maar bevatten meer beeldinformatie en daardoor meer nabewerkingsmogelijkheden. Jpeg-foto’s zijn immers al gecomprimeerd (kleiner gemaakt) om opslagruimte te besparen.
Vergelijk je de Pentax K100D met andere 6-megapixeltoestellen, dan krijg je bij de Pentax in contrast, details per pixels en ruisbeperking betere resultaten dan bij de Olympus E-300, de Olympus E-500, de Fujifilm S3Pro en presteert het toestel daarin relatief zelfs beter dan de 8-megapixel Canon EOS 350D. Al is de verscherping die de camera toepast op de gemaakte foto’s net te veel. De Nikon D50 laat overigens wel een fractie betere foto’s zien dan de Pentax K100D.
Graven
Sommige gebruikers klagen over het te veel moeten graven in de menu’s van de K100D. De Fn-knop geeft je echter redelijk snel toegang tot de instellingen witbalans, flitserprogramma, iso-waarde en schietmodus (enkelschots, continu, zelfontspanner), al gaat de voorkeur bij iso-waarde en schietmodus (liefst ook bij witbalans) zeker uit naar aparte knoppen. Een gemis is absoluut het niet snel kunnen instellen van de foto-opslagmodus (jpeg of raw) met een aparte knop.
Buffergeheugen
Het buffergeheugen tijdelijk geheugen waarin foto’s worden bewaard voordat ze naar de ingebrachte geheugenkaart worden weggeschreven is met ruimte voor drie raw-foto’s of vijf jpeg-foto’s beperkt. Ondanks het ingebrachte snelle SD-geheugenkaartje leek de wegschrijfsnelheid bovendien wat traag vergeleken met de Olympus E-400 met CF-kaart, maar dat kan exemplarisch zijn voor het geheugenkaartje.
De K100D trekt zijn kracht uit vrijwel overal verkrijgbare AA-batterijen, in alkalinevorm of als oplaadbare NiMh. Je kunt er bovendien CR-V3-lithiumcellen indoen: batterijen die ook veel analoge spiegelreflextoestellen van stroom voorzien.
€ 550 ,– (excl. btw)
Resolutie:
6 megapixel
Optische zoom:
28,8 88 mm (3,1x optisch)
Voor en tegen
+ goede details-per-pixels
+ beelstabilisator in de camera
- geen raw plus jpeg tegelijkertijd
- beperkt buffergeheugen
- sommige sneltoetsen ontbreken (raw/jpeg, iso, schietmodus)
Info:
www.pentax.nl
Oordeel
4 van 5 sterren

